De prehistorie op Sardinië

Om in het kort de prehistorie en de geschiedenis van Sardinië te beschrijven is geen gemakkelijke opgave. Er is veel bewaard gebleven dankzij het feit dat Sardinië dun bevolkt is en ongerepte gebieden kent, die ooit bewoond waren en weer verlaten zijn. Het bijzondere van dit verleden dankt het ook aan het feit dat Sardinië een eiland is met periodes van intensieve contacten maar ook van relatief isolement waardoor soms autonome ontwikkelingen konden plaatsvinden. Zo zijn er onverwachtse patronen die doen denken aan Spanje, Frankrijk, Noord-Afrika of zelfs het Midden-Oosten, dan weer unieke ontwikkelingen die nergens anders waarneembaar zijn. Vandaar dat Sardinië het middelpunt is geworden van studies van verschillende disciplines in de wetenschap, niet in de laatste plaats de archeologie, door vertegenwoordigers van universiteiten uit de hele wereld.

De oudste sporen van menselijke activiteit op Sardinië

Hoewel Sardinië geologisch gezien de oudste regio is van Italië, is het vrij laat door de mens bevolkt. De oudste sporen van menselijke activiteit stammen uit de periode tussen 400.000 en 120.000 jaar geleden (Paleolithicum), deze zijn gevonden in de streek Anglona, bij Perfugas. In de laatste ijstijd, met een zeespiegel die aanzienlijk lager was dan nu, was de afstand tussen de eilanden Corsica en Sardinië en het Italische vasteland veel kleiner, wat een oversteek mogelijk zou hebben gemaakt. Van het laat-Paleolithicum zijn bij Oliena aan de oostzijde van Sardinië sporen gevonden van menselijke activiteit in de Corbeddu grot (14000-12000 v C), terwijl voor de tussenliggende periode geen gegevens beschikbaar zijn. In het laat-Paleolithicum was de zeespiegel gestegen maar was de techniek van de navigatie inmiddels veel verder ontwikkeld. In diezelfde grot van Corbeddu zijn fossielen van menselijke resten gevonden van 8750 v C, deze fossiele resten wijken af van de meer bekende Homo sapiens. In het Paleolithicum en Mesolithicum bestonden er alleen groepen jager-verzamelaars die voldoende territorium nodig hadden om te kunnen overleven. Het lijkt er op dat Sardinië groot genoeg was voor een beperkt aantal van deze groepen, wat ook blijkt uit de resten van de fauna die leefde op het eiland en waar op gejaagd kon worden, zoals het hert en de prolagus sardus, een inmiddels uitgestorven diersoort die de basis vormde voor het dieet van de pre-neolithische mens 1.

Het neolithicum en obsidiaan op Sardinië

In het neolithicum was de uitgedoofde vulkaan, de Monte Arci, een van de centrale vindplaatsen van obsidiaan, het zwarte vulkanische glas. Dit gesteente, dat ook nu nog volop aan de oppervlakte te vinden is, werd, net als vuursteen bij ons in Nederland, gebruikt voor pijlpunten, speerpunten en snijwerktuigen. In verscheidene delen van het westelijke Middellandse Zeegebied zijn artefacten van obsidiaan teruggevonden die te herleiden zijn tot vindplaatsen op de Monte Arci wat doet veronderstellen dat met name in het recente Neolithicum er intensieve contacten waren tussen Sardinië en de omliggende gebieden 2.

Datering met obsidiaan in de archeologie.

Een van de gebruikte methodes van datering in de archeologie is de mate van hydratatie van obsidiaan. Vanaf het moment dat het vulkanische glas in aanraking komt met (vochtige) lucht vormt zich een hydratatie laag, te herkennen aan het doffe bruin (zie foto). De dikte van die laag bepaalt dan de ouderdom van bijvoorbeeld een speerpunt of pijlpunt. Een pijlpunt uit het neolithicum zal dus nooit zo glanzen als pas bewerkt obsidiaan. Deze methode was ontwikkeld door de geologen Irving Friedman en Robert L Smith.

Culturen in het neolithicum en het calcolithicum

Het neolithicum wordt gekenmerkt door drie fasen; het oud Neolithicum, het midden Neolithicum met de cultuur van Bonuighinu en het recente Neolithicum met de cultuur van Ozieri (ook wel cultuur van San Michele genoemd). Van deze culturen zijn sporen teruggevonden in de vorm van aardewerk, bewerkt bot of bewerkte stenen en kregen ze de naam mee van de eerste vindplaats 3. Uit deze laatste periode stammen ook de megalithische structuren die Dolmen genoemd worden en de in de rots uitgehouwen Domus de Janas, grafkamers (in de volksmond de huizen van de feeën), die nog in het landschap te zien zijn 4. Hoewel de vindplaatsen van deze culturen met name in het binnenland liggen, zijn ook sporen van een sub-Ozieri cultuur teruggevonden bij Cuccuru S'Arriu nabij Cabras aan de rand van het water 5.

In het Calcolithicum, de kopertijd, nam de activiteit van het delven van metalen toe (koper). De cultuur van Ozieri ging over in de cultuur van Monte Claro en de culturen van Filigosa en Abealzu, de directe voorlopers van de nuraghe cultuur. Één van de belangrijke vindplaatsen is de ziggurat van Monte D'Accoddì bij Sassari, een trapeze vormige verhoging wat het centrum zou kunnen zijn geweest van religieuze rituelen 6. Andere belangrijke sites zijn de necropolis van Anghelu Ruju bij Alghero en de necropolis van Montessu bij Villaperuccio 7. Net als in andere delen van zuid-west Europa verschenen de eerste megalithische structuren in de vorm van ommuring en lage torens (Sa Ureci te Guspini, Monte Baranta te Olmedo) in de periode van de cultuur van Monte Claro 8. De grafstructuren ontwikkelden zich van dolmens in allee couverte, een overdekte gang, de voorloper van de tomba di giganti 9.

Archeologische periodes in Sardinië

Tabel archeologische periodes 10.

 PeriodeCultuurDatums
  (vindplaats)a)b)c)d)
 Paleolithicum 500 / 300.000500.000 (?)350.000350.000 
 VroegClactoniaans (Perfugas)||||
 120.000120.000100.000100.000
 Midden||||
 35.00035.00035.00035.000
 LaatCorbeddu grot||||
 Mesolithicum10.00010.00010.00010.000
 Corbeddu grot||||
 Neolithicum6.0006.0006.0006.000
 VroegGedecoreerd aardewerk (Filiestru)||||
 4.6005.8004.0003.730
 MiddenBonu Ighinu||||
 3.2403.8003.5003.300
 LaatSan Michele (Ozieri)||||
 Calcolithicum (Eneolithicum) Kopertijd2.3602.9002.7002.480
 VroegSub-Ozieri en Filigosa|
2.130
|
2.400
|
2.500
|
 MiddenAbealzu2.300
|
2.200
2.850
|
2.630
2.700
|
2.500
|
 LaatMonte-Claro2.360
|
2.100
2.900
|
2.550
|
2.000
|
 EindeKlokbeker2.300
|
1.650
2.850
|
2.000
||
 Bronstijd2.0002.3501.8001.855
 VroegBonnanaro of archaïsche nuraghe tijd (Lilliu I)||||
 1.5001.8001.6001.490
 MiddenBonnanaro enkelvoudige nuraghi (Contu) of Midden nuraghe tijd (Lilliu II en III)||||
 1.3001.500||
 LaatComplexe nuraghi (Contu) of Midden nuraghe tijd (Lilliu II en III) met kam gedecoreerd aardewerk myceense import||||
 1.2001.2001.300|
 EindPre-geometrisch aardewerk enkelvoudige hutten of Midden nuraghe tijd (Lilliu II en III)||||
 IJzertijd850850900900
 GeometrischGeometrisch aardewerk samengestelde hutten (Contu) of laat nuraghe tijd (Lilliu IV)||||
 720720||
 Protohistorie OriëntaliserendOriëntaliserende stijl contacten met Feniciërs (Contu) of laat nuraghe tijd (Lilliu IV)||||
 535535535535
 PunischLaat inheems aardewerk punische periode (Contu) eind nuraghe tijd (Lilliu V)||||
 Historische tijd238238238238
 RomeinsRomeinse tijd||||
 476 n C476 n C476 n C476 n C

a = Datering met C14, K40-Ar40
b = Datering volgens Contu
c = Datering volgens Lo Schiavo
d = Datering volgens Lilliu

Download in pdf formaat: Tabel archeologische periodes van Sardinië

De periodisering van de Nuraghe tijd wordt overigens door een aantal wetenschappers bestreden. Zij laten de nuraghe-tijd eerder beginnen (2700 voor Christus) maar ook eerder ophouden (rond 1000 voor Christus), al werden de nuraghi ook na die tijd gebruikt. Het gebruik van de term nuraghe-cultuur komt voort uit de identificatie van de materiële cultuur met een volk of volkeren en stammen met eenzelfde oorsprong. Terecht merken archeologen op dat artefacten uit contexten van nuraghi niet altijd deel hoeven uit te maken van een nuraghe-cultuur, en verwijzen naar de bronzen beeldjes die uit een late periode stammen. Meer dan te spreken over een nuraghe-cultuur, zou men moeten spreken van een nuraghe-tijdperk , die waarin de nuraghi gebouwd en gebruikt werden, ook al waren dat misschien mensen van andere herkomsten dan de oorspronkelijke bouwers 11.

Voetnoten:

1 Lilliu 2003, p 25; Tanda 2004, p 31,32; Martini 1992, p 40-48; Klein Hofmeijer and Sondaar 1992, p 49-56; Cherry 1992, p 28-39; Sondaar 1998, p 45-51
2 Lilliu 2003, p 29 e.v.; Tykot 1992, p 57 e.v.; Tanda 2004, p 32,33
3 Lilliu 2003, p 14 en p. 79 e.v. ; Tanda 2004, p 33
4 Ferrarese Ceruti 1992, p 98-99; Tanda 2004, p 34-42; Lilliu 2003, p 45-127
5 Santoni 1992, p 157 e.v.
6 Lilliu 2003, p 96; Tanda 2004, p 42 e.v.; Brochure: Sassari e Porto Torres, Monte d'Accoddi e Su Crucifissu Mannu, uitgave van de Regione Autonoma della Sardegna, artikel over Monte d'Accoddi geschreven door Giuseppa Tanda
7 Demartis 1986, p 10; Atzeni-Melis 2000, p 33
8 Lilliu 2003, p 152,153; Tanda 2004, p 47-48
9 Lilliu 2003, p 217
10 Lo Schiavo 1991, p 20-21; Lilliu 2003, p 12-17; Webster 1996, p 14,19-22; Cherry 1992, p 28-39; Contu 1998, p 63-76
11 Manca 2004, p 97,102

Bibliografie

1. Atzeni, E. - G.M. Melis 2000, Villaperuccio tra ipogeismo e megalitismo, Sassari
2. Cherry, J.F. 1992, Paleolithic Sardinians? Some questions of evidence and method in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 28-39
3. Contu, E. 1998, Stratigrafia ed altri elementi di cronologia della Sardegna preistorica e protostorica in: Sardinian and Aegean Chronology, ed. M.S. Balmuth and R.H. Tykot, Oxford, p. 63-76
4. Demartis, G.M. 1986, La necropoli di Anghelu Ruju, Sassari
5. Ferrarese Ceruti, M.L. 1992, Elementi Architettonici e del Culto Funerario nella Domus de Janas di Su Littu (Ossi-Sassari) in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 98-104
6. Klein Hofmeijer, G. and P.Y. Sondaar 1992, Pleistocene Humans in the island environment of Sardinia in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 49-56
7. Lilliu, G. 2003: La civiltà dei Sardi dal paleolitico all'età dei nuraghi, Nuoro
8. Lo Schiavo, F. 1991, Il museo archeologico di Sassari G.A. Sanna, Sassari
9. Manca, G. 2004: Il nuraghe Losa e la civiltà nuragica, Ghilarza
10. Martini, F. 1992, Early Human Settlement in Sardinia: The Paleolithic Industries in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 40-48
11. Santoni, V. 1992, Cuccuru S'Arriu (Cabras). L'Orizzonte Eneolitico Sub-Ozieri in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 157-174
12. Sondaar, P.Y. 1998, Paleolithic Sardinians: Paleontological Evidence and Methods in: Sardinian and Aegean Chronology, ed. M.S. Balmuth and R.H. Tykot, Oxford, p. 45-51
13. Tanda, G. 2004, Dalla preistoria alla storia, in: Storia della Sardegna, ed. M. Brigaglia, Cagliari, p. 25-74
14. Tykot, R.H. 1992, The Sources and Distribution of Sardinian Obsidian in: Sardinia in the Mediterranean: A footprint in the sea, ed. R. H. Tykot and T.K. Andrews, Sheffield, p. 57-70
15. Webster, G.S. 1996, A Prehistory of Sardinia 2300-500BC, Sheffield

Laatst gewijzigd 06/05/2016

Reisgids mee?

Download Reisgids
©2018 Tharros.info Sitemap Privacy Contact