Sites en evenementen Nuraghe Santu Antine

Nuraghe Santu Antine

Nuraghe Santu Antine

Torralba (SS)

Nuraghe Santu Antine behoort tot de meest fascinerende van de bronstijd bouwwerken op Sardinië. De nuraghe bestaat uit een centrale toren en bastions met drie zijtorens, lange gangen met zijgangen en een centrale binnenplaats. Rond de nuraghe ligggen de resten van een dorp dat tot in de romeinse tijd bewoond werd.

Nuraghe Santu Antine

In centraal Sardinië, in de historische streek van de Meilogu, ligt een hoogvlakte die de toepasselijke naam Valle dei Nuraghi, vallei van de nuraghi, heeft gekregen omdat er een groot aantal nuraghi, torens uit de bronstijd, te vinden is. De belangrijkste hiervan is Nuraghe Santu Antine, één van de meest in het oog springende majestueuze bouwwerken uit de Sardijnse bronstijd. Deze nuraghe ligt niet ver van de ss131 Carlo Felice, vlak bij de afslag van Torralba. De naam dankt het bouwwerk aan de meest populaire van de heiligen in de laat-Romeinse en byzantijnse tijd, Constantijn, Antine in het Sardisch, de Romeinse keizer die van het christendom de staatsreligie maakte. De lokale bevolking had het bouwwerk de naam Sa Domu de su Re (het huis van de koning) gegeven. De complexe nuraghe is omringd door de resten van hutten uit de bronstijd en fundamenten van huizen uit de romeinse tijd.
De nuraghe behoort tot één van de eerste die de aandacht trok van de geleerden in de 18de en 19de eeuw, waaronder Giovanni Spano. Een eerste tekening van de nuraghe stamt uit 1774 (Francecso Cetti) en de eerste foto uit 1901 (Giovanni Pinza). In de twintigste eeuw besteedden archeologen als Taramelli, Maetzke, Lilliu, Contu en Moravetti aandacht aan de site en publiceerden hun bevindingen.
De archeologische site wordt tegenwoordig beheerd door de gemeente Torralba.

De centrale toren

Plattegrond van de nuraghe bron: Contu 1988 p 12 (Met toestemming van Carlo Delfino editore)
Plattegrond van de nuraghe
bron: Contu 1988 p 12
(Met toestemming van Carlo Delfino editore)

De nuraghe bestaat uit een centrale toren omgeven door drie secundaire torens die met elkaar verbonden zijn door dikke muren. Het gehele complex heeft de vorm van een afgeronde driehoek. Vóór de centrale toren bevindt zich een binnenplaats die door de verbindingsmuur van de twee zijtorens omsloten wordt. De hoofdingang van het complex ligt aan de zuidkant waar de muur extra dik is zodat er ruimte voor een korte gang en wachtersloge is. Deze korte gang leidt direct naar de binnenplaats van het complex waar zich een afgedekte waterput bevindt en links en rechts naast de hoofdingang van de centrale toren nog meer deuropeningen te zien zijn.
De hoofdtoren, gebouwd in de 16de eeuw voor C, is nu nog 17,55 meter hoog en telt twee verdiepingen. De derde verdieping is bijna geheel verdwenen. Bij het binnengaan van de centrale toren is links een opgang te zien. De korte gang eindigt in de centrale kamer met een koepelgewelf, tholos, van 7,93 meter hoog. Ondanks de architectuur met gebruik van grote gestapelde rotsblokken, de cyclopische bouwstijl, doet de centrale kamer ruim en luchtig aan dankzij de rondgang die om de kamer ligt met een aantal openingen naar de centrale ruimte. Boven de ingang is nog een niche te zien op ongeveer 2,9 meter hoogte. In de rondgang is een tweede kleinere waterput te zien.

Zoals bij veel nuraghi is de opgang naar de bovenverdiepingen in de dikke muren uitgespaard. Deze opgang is vrij ruim aan de basis en naar boven toe steeds smaller en met een draai van 360 graden komt deze uit op de eerste verdieping. Op de kleine overloop is een raam dat uitzicht heeft op de binnenplaats, daar tegenover bevindt zich de deuropening die leidt naar de tweede ronde kamer met koepelgewelf. Het bijzondere aan deze tweede kamer is de rondgaande stenen rand die veel doet denken aan de hutten van de bijeenkomsten. Er is ook een niche uitgespaard in de muur.
De wenteltrap gaat verder naar de tweede verdieping die nu bijna geheel is verdwenen en een soort terras is geworden. Vanaf de nuraghe is er een mooi uitzicht over de vallei en is het complex goed te zien van boven af, evenals de resten van het omliggende dorp.

De bastions

Op de binnenplaats zijn in totaal zes deuropeningen te zien, afgezien van die naar de centrale toren en de uitgang naar buiten. De twee buitenste leiden naar de twee zijtorens, de middelste naar twee zijgangen en de twee binnenste openingen leiden via een trap naar de bovenverdieping van de bastions. De opzet lijkt symmetrisch maar is allesbehalve perfect. Er is geen enkele toegang tot de centrale toren vanaf de rest van het bouwwerk wat er op wijst dat de hele structuur die om de centrale toren heen gebouwd is van een latere datum is geweest.

De twee zijtorens zijn ooit twee verdiepingen hoog geweest, wat overgebleven is zijn de kamers op de begane grond waarvan de koepel deels ontbreekt. Vanaf de zijtorens lopen ruime gangen naar achteren, naar de derde noordelijkste toren. De twee gangen zijn ook direct bereikbaar vanaf de binnenplaats waardoor het geheel het idee van een doolhof geeft. Langs de buitenzijde van de gangen zijn openingen gelaten in de muren, de schietgaten zoals deze wel genoemd worden, ook al heeft de functie mogelijk niets te maken met militaire verdedigingswerken. De openingen geven echter nauwelijks licht vandaar dat men denkt dat deze bedoeld waren voor de aanvoer van verse lucht. De twee lange gangen zijn op het eind nog verbonden door een dwarsgang. In de noordelijke toren bevindt zich een derde put, afgedekt met stenen. Deze put ligt iets lager dan de vloer. Ook is er in deze toren een secundaire uitgang naar buiten die nu door een deur is afgesloten.
De bovenverdieping van de bastions is alleen maar bereikbaar vanaf de binnenplaats. Ook hier is grotendeels de opbouw verdwenen door het hergebruik van de stenen voor nieuwere bouwwerken en huizen. De gehele eerste verdieping is daardoor open wat het geheel de indruk geeft van een middeleeuws kasteel. Ook hier verbinden twee omgangen de twee zuidelijke torens met de noordelijke toren. De torens zijn niet toegankelijk maar er zijn andere kamers te zien die in de dikke muren uitgespaard zijn. Er is ook een mooi uitzicht op de omgeving, op de resten van het dorp en van de binnenplaats vanaf deze hoogte.

Het nuraghe dorp en de vallei

Rondom de nuraghe liggen de fundamenten van ronde en rechthoekige structuren van een nuraghe dorp dat voor een klein deel is opgegraven en onderzocht. De ronde structuren behoren over het algemeen tot de bronstijd (vanaf de 13de eeuw v C) en waren hutten die leken op de nu nog bestaande pinnettas (Sardijnse hutten in gebruik bij schaapherders). De rechthoekige structuren zijn van de romeinse tijd, mogelijk deel van een romeinse villa. De site is lange tijd bewoond geweest, de ligging was bijzonder strategisch vanwege de noord-zuid route over het eiland, wat later het traject van de romeinse weg werd.
De vruchtbare vallei kenmerkt zich door het grote aantal nuraghi dat er nog te zien is. In de directe omgeving van nuraghe Santu Antine staan ongeveer negen nuraghi waarvan de belangrijkste nuraghe Oes die even verderop langs de spoorlijn staat in de gemeente Giave.

Bibliography

1. Contu, E. 1988, Il nuraghe Santu Antine, Sassari
2. Moravetti, A. ed. 1988: Il Nuraghe S. Antine nel Logudoro - Meilogu, Sassari

Adres: ss131 exit Torralba richting Bonorva langs de SP21

Openingstijden: zomer 9:00 to 20:00; winter 9:00 - 17:00

Prijzen: Euro 6,00 ; Gereduceerd Euro 4,00

Tel.: 079847481/3664353484/3479138479

Web site: Nuraghe Santu Antine

Rondleidingen met gids

De informatie is bijgewerkt voor 2019 maar prijzen en openingstijden kunnen variëren

Laatst gewijzigd 29/08/2016

Reisgids mee?

Download Reisgids

Index

©2019 Tharros.info Sitemap Privacy Contact